Huldiging 2012

Stéphanie Baguma

Stéphanie Baguma illustreert perfect hoe men op een eenvoudige manier de minst bedeelden kan helpen en hoe men de verantwoordelijke actoren moet sensibiliseren om de nodige aandacht te schenken aan de zwaksten in de samenleving.

Stéphanie woont in België, maar komt uit Bukavu (Oost-Congo), een regio die het slachtoffer is van een onrechtvaardige en onophoudelijke oorlog, die vrouwen en kinderen in een dramatische toestand doet belanden en waar iedere dag de meest weerzinwekkende gruweldaden gepleegd worden. Deze vredesvrouw heeft op het terrein een vrouwenvereniging opgericht in Bukavu. Die stelt weduwen in staat om een eigen inkomen te verwerven door groenten te kweken. De vrouwen werken er in solidariteit samen om oplossingen te vinden voor de vele uitdagingen, zoals de onveiligheid, de hongersnood en de gezondheidsproblemen. Vrede neemt in hun werking een centrale plaats in: geweldpreventie om dodelijke slachtoffers te vermijden.
In ons land zet Stéphanie Baguma zich in voor alle vredes- en empowermentbewegingen omdat ze wil putten uit de ervaringen van anderen om zo haar vrouwengroep beter te ondersteunen.
Haar project (Usafi Ni Afya) werd eind 2014 beloond met een cheque van 500 euro (uit de opbrengst van de verkoop van de zakjes met zaad van witte klaprozen).

Geert Bossaerts

Geert Bossaerts heeft altijd in het ontwikkelingswerk gestaan. Bij Vredeseilanden en 11.11.11 in Afrika probeerde ze vrouwen mondiger te maken en leerde ze hen leidende taken opnemen in de samenleving. In Rwanda werkte ze met begeleiders van vrouwen en kinderen die zware trauma’s hadden opgelopen als gevolg van de genocide. Ook had ze aandacht voor kindsoldaten.Voor de volkstribunalen in Rwanda tegen de straffeloosheid van de misdadigers en voor de wederopbouw van de civiele maatschappij, begeleidde Geert vooral vrouwen. Zij werd persona non grata verklaard door de overheid. Ze was niet meer gewenst en er dus niet meer veilig. Ze had te veel informatie verspreid over geweldpleging en schending van mensenrechten.

Daarna reisde ze naar Burundi om mee te werken aan de wederopbouw van de samenleving na jaren van etnisch conflict, oorlog, corruptie en voedselschaarste. Geert hielp met de hervorming van het gerechtelijk apparaat en de ondersteuning van de civiele maatschappij. Ze staat er nog steeds bekend als ‘Maman Elections’.
Geert Bossaerts werkte ook voor War Child in Oost-Congo. Ze trok naar dorpen om er de kinderen via spelletjes, vakopleidingen en vormingsprogramma’s te leren weer positief in het leven te staan. De problematiek van seksueel geweld op vrouwen en kinderen werd duidelijk gemaakt aan gemeenschapsleiders, onderwijzend personeel en ouders. Daarna werd ze gevraagd deze ‘War Child’-werking ook op te zetten in Soedan.
Geert was ook directrice bij RCN Justice & Démocratie. Ze coördineerde er de bijstand en vorming van juristen uit landen in wederopbouw. Bemiddelaars zijn nodig om de lokale bevolking correct te informeren en nieuwe conflicten te vermijden. Geert werkte voornamelijk samen met lokale mensen, die ze vormt en klaarstoomt voor deze moeilijke opdracht.
Nu werkt ze voor het Startpunt Vluchtelingenwerk Vlaanderen.
Geert Bossaerts werkte vaak in uitzichtloze situaties in oorlogsgebieden, maar toch blijft ze geloven in een betere wereld.

Micheline Briclet

Micheline Briclet staat sedert 2000 vrijwillig op de barricaden voor de rechten van vrouwen en hun socio-economisch statuut, meer bepaald in de landen in ontwikkeling. Bij de Wereldorganisatie van Vrouwelijke Bedrijfsleiders (www.FCEM.org) bekleedt ze het mandaat van commissaris voor Ontwikkeling en focust ze op vorming voor vrouwen. Deze apolitieke en multiculturele organisatie is wereldwijd in 80 landen aanwezig, voornamelijk daar waar vrouwen zich in een precaire situatie bevinden.

Micheline Briclet is ook stichter-beheerder van de Europese Vereniging van het Microkrediet (www.AEMfe.org): financiële steun voor coöperatieven die microprojecten beheren bestemd voor de ontwikkeling van landelijke activiteiten of diensten die vrouwen toelaten om tegemoet te komen aan de primaire behoeften van het gezin en aan de opvoeding van hun kinderen.
Om vrouwen te helpen zich los te maken van hun geopolitieke omgeving, heeft Briclet basisbeheer onderwezen en vormingscentra voor geïnformatiseerd beheer opgericht in talrijke landen (Mauritius, Turkije, Tunesië, Senegal, Kameroen, Algerije, Marokko,…). Ze werkt samen met de Afrikaanse Ontwikkelingsbank, de UNECE, de ILO en andere internationale instellingen voor gelijke kansen om zo fondsen te bemachtigen voor de vorming van vrouwen en de strijd tegen iedere discriminatie. In Brussel zet ze vormingen op voor jonge allochtone vrouwen. Daar kan deze groep een arbeidsmarktgericht certificaat behalen.

Leona Detiège

Leona Detiège is sinds vele jaren actief binnen de vrouwenbeweging. Tussen 1982 en 2000 was ze voorzitster van de Socialistische Vrouwenbeweging (nu Zij-kant). Ook binnen VIVA-SVV was ze een tijdlang voorzitster voor het arrondissement Antwerpen-Turnhout-Waasland. Tijdens die periode legde ze contacten met zusterorganisaties in binnen- en buitenland en oefende ze druk uit om meer rekening te houden met de gelijke rechten van vrouwen.

Ook als politica zette Leona Detiège zich in voor vrouwenrechten. Enkele van haar belangrijke dossiers: het verschil in pensioenleeftijd tussen vrouwen en mannen, het recht op abortus en zelfbeschikking over het eigen lichaam, het erfrecht van kinderen die buiten het huwelijk worden geboren en de bestrijding van hiv en prostitutie.
Leona Detiège is ook senator geweest en zetelde in het Adviescomité voor gelijke kansen voor vrouwen en mannen van de Senaat, een comité dat ondertussen niet meer bestaat.

Nicole Emany

Nicole Emany is verpleegster en gespecialiseerd in ziekenhuisbeheer. Ze heeft altijd strijd gevoerd tegen ellende en onrechtvaardigheid. Toen ze tijdens de Congolese invasie in 1996 aangehouden werd, besloot ze haar land te verlaten.

Haar echtgenoot wachtte haar op in België. Onderweg naar hier deed ze Congo Brazzaville en Gabon aan, waar ze streed via liefdadigheidsorganisaties. Toen ze in Brussel aankwam, besliste ze om de plunderoorlog aan te klagen die in Oost-Congo woedt, samen met het seksueel geweld dat als oorlogswapen ingezet wordt en de uitsluiting van vrouwen bij de vredesonderhandelingen. Ze aarzelt niet om daarvoor haar eigen financiële middelen aan te spreken en zo de stem te laten horen van de vrouwen uit de oostelijke provincies van Congo.
Emany sloot zich van bij de oprichting aan bij het Collectif des Femmes Congolaises pour la Paix et la Justice. Ze pleitte er voor het herstel van de vrede in Congo en voor gendermainstreaming bij de instanties die over vrede onderhandelen. Ze doorkruiste Europa, de Verenigde Staten en Afrika om er telkens hetzelfde pleidooi te houden. Binnen het collectief nam ze actief deel aan het gedocumenteerd onderzoek naar de oorzaken van de plunderoorlog in Congo. Ze schreef er artikels over en stelde aanbevelingen op.
Ze zit nog steeds workshops met Congolese vrouwen voor om Resolutie 1325 te concretiseren, vrouwen te vormen in het pleidooi voor de uitvoering ervan en ze te trainen om concreet politiek overleg te houden.
In januari 2012 ontving ze een prijs voor haar strijd voor de vrede in en de ontwikkeling van Congo.

Annemarie Gielen

Annemarie Gielen werkt sinds 2002 binnen Pax Christi als specialist in internationale politiek. Daarbij heeft ze bijzondere aandacht voor de precaire mensenrechtensituatie in Rusland. Ze doet aan lobbywerk voor een kritische opstelling ten opzichte van het militair en gerechtelijk apparaat van Rusland en van de mensenrechtenschendingen tijdens en na de oorlogen in de Kaukasus. Ook duidt ze deze oorlogen via tal van publicaties, artikels, interviews, lezersbrieven en informatieavonden. Ze coördineert verder verschillende internationale conferenties om bij te dragen aan een duurzame oplossing van het geweld in de regio. Ten slotte geeft ze een spreekbuis aan het werk van mensenrechtenactivisten van Rusland en de Kaukasus.
Ze werkt vrijwillig voor de Russische ngo Soldatenmoeders in Sint-Petersburg. Deze vrouwengroep verdedigt de mensenrechten van dienstplichtige Russische soldaten en keurt de oorlogen in Tsjetsjenië af.
In het kader van haar opdracht voor actieve geweldloosheid begeleidt Annemarie Gielen ngo’s en projecten in Rusland. Daarbij besteedt ze bijzondere aandacht aan empowerment van vrouwelijke slachtoffers van oorlogsgeweld en mensenrechtenschendingen. Ze vergeet daarbij niet dat vrouwen ook actoren voor verzoening kunnen zijn.
Verder coördineert ze het project Pursuit of Justice. Vrouwelijke slachtoffers van mensenrechtenschendingen in Tsjetsjenië en Ingoesjetië krijgen hulp om hun rechten te verdedigen tot bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens.
Ze helpt ook nog bij de integratie van Tsjetsjenen in België en steunt vrouwen die te maken krijgen met geweld vanuit hun gemeenschap.
Ten slotte doet ze heel wat vrijwilligerswerk, onder andere voor asielzoekers.

Josée Goethals

Josée Goethals is medeoprichtster (in 2001) en bezielster van vzw AZIZ, ‘Asielzoekers Integratie Zemst’. AZIZ slaagde erin om in Zemst het thema asiel en migratie bespreekbaar te maken, zowel in het gemeentebestuur als bij de bevolking. Daartoe werden er tal van thema-avonden over conflictgebieden zoals Tsjetsjenië, Irak en Afghanistan georganiseerd. Andere avonden draaiden om onderwerpen als integratie en racisme.

Sinds 2011 zit Josée Goethals ook in de Raad van Bestuur van Vluchtelingenwerk Vlaanderen, waar ze vanuit het basiswerk een stem geeft aan vluchtelingen.
Door de activiteiten van AZIZ ontstond er contact met de Werkgroep Oost-Europa van Pax Christi Vlaanderen en daardoor ook met voortrekkers van de Tsjetsjeense gemeenschap in België. Tijdens haar voorzitterschap van de Werkgroep Oost-Europa (2004-2010) werd naast het vredesopbouwwerk van Pax Christi in Rusland en ex-Sovjetstaten ook de bevordering van de integratie van de Tsjetsjeense vluchtelingen in België uitgebouwd. Zij zocht Tsjetsjeense voortrekkers op en steunde hen om lokale zelforganisaties op te richten. Samen met hen organiseerde zij meerdere versterkende projecten, waaronder informatieve avonden en culturele activiteiten in diverse steden in Vlaanderen.
Vanuit verontwaardiging over foutieve informatie en beeldvorming kroop ze in haar pen om rechtzettingen te eisen en ging ze in dialoog met gezagvoerders en verantwoordelijken om een juiste houding aan te nemen ten opzichte van geweld bij asielzoekers.
Bewonderenswaardig is haar open geest om als vrijzinnig-humanist vlot samen te werken met christenen, moslims en andere religies en levensbeschouwingen.

Hilde Mattelaer

Hilde Mattelaer is al meer dan 30 jaar heel actief voor het Zuiden. Zij was medestichter, bezieler en algemeen coördinator van Artsen zonder Vakantie gedurende 18 jaar. Ze zond meer dan 250 artsen en paramedici uit naar Afrika en Roemenië. Ze ging regelmatig mee op zendingen in verschillende provincies in Congo, Rwanda en Roemenië.

In 1999 startte Hilde Mattelaer samen met Afrikaanse vrouwen de vzw Mamas for Africa. Het doel is vrouwen en meisjes in het Zuiden te helpen hun eigen projecten op te zetten. Ook steunt deze organisatie een groot aantal plaatselijke projecten en hielp ze twee Maisons de la Femme oprichten. Deze vrouwenhuizen bieden opvang voor verkrachte vrouwen, psychologische hulp en medische zorgen, voeding en onderdak, vorming, opleiding en sensibilisering.
Hilde Mattelaer blijft vechten tegen alle onrecht dat vrouwen wordt aangedaan. Ze reist regelmatig naar Afrika om de noden juist in te schatten. Ze kan de voortdurende oorlogssituatie in Oost-Congo niet stopzetten, maar wel de voornaamste slachtoffers van die oorlog – vrouwen en meisjes – zo goed mogelijk helpen.
Naast haar werk in Congo sensibiliseert Hilde voor de oorlogsgevolgen voor vrouwen. Dat doet ze door regelmatig brieven te verspreiden en paneldiscussies te organiseren met beleidsmakers, journalisten en getuigen uit de regio.

Anne Monseu

Anne Monseu heeft meegewerkt aan het Vrouwenhuisproject in Burundi, een initiatief van de CFFB uit 2007. Bedoeling was om tijdens de heropbouw van het land de vrouwenverenigingen een ontmoetingsplek te bieden, om hen te helpen partners te zijn in de verandering die zich in Burundi voltrok, en om de gelijkheid van vrouwen en mannen te concretiseren in het vredesproces en binnen de Burundese maatschappij.

Op dit ogenblik biedt het Vrouwenhuis een omkadering voor dialoog en uitwisseling in verband met socio-economische problemen, zowel voor individuele vrouwen als voor verenigingen van vrouwen. Vooral vrouwen die met geweld te maken hebben, vinden er een luisterend oor. Het huis biedt thematische vormingen en kent microkredieten toe aan kwetsbare vrouwen. Anne Monseu gaat nog steeds als deskundige voor de CFFB naar het Vrouwenhuis in Burundi. Monseu wil de politieke competenties van vrouwen via vormingen verhogen. Dit moet ertoe leiden dat vrouwen elkaar versterken.
Sedert 1994 engageert Anne zich voor Avocats sans Frontières. Ze houdt zich bezig met de zeer traumatische postconflictsituatie waarin de Burundese vrouwen zich bevinden. Als juriste interesseert ze zich in het bijzonder voor die bepalingen van het strafrecht die de vrouwen in geval van geweld te kort doen. Het is zo dat het ministerie sowieso vervolgt wanneer er geweld op straat vastgesteld wordt, behalve wanneer het gaat om echtelijk geweld, wat vaak het geval is.
Dankzij haar politiek engagement heeft Monseu bruggen gebouwd en deelt ze haar ervaringen met betrekking tot de bevordering van vrouwenrechten. Bij de FIDA (Fédération internationale des femmes juristes) was ze vice-voorzitster voor Europa. Die jarenlange inzet heeft haar een netwerk van advocaten opgeleverd, meer bepaald Afrikaanse magistraten. Zo kan ze via de vrouwen timmeren aan de weg naar gendergelijkheid en in alle rust streven naar een oplossing voor de conflicten.

Anne Morelli

Anne Morelli is historica en professor aan de ULB. Ze heeft gepubliceerd over vrouwengeschiedenis (onder meer over migrantenvrouwen en politieke vluchtelingen) en over huishoudpersoneel van buitenlandse afkomst. Ze stond mee aan de wieg van een project om de geschiedenis van vrouwen te introduceren in de lessen op school.

Vrede neemt een belangrijke plaats in binnen haar onderzoeksterrein. Haar boekje ‘Elementaire principes van oorlogspropaganda’ was een mondiaal succes en werd in zeven talen vertaald. Hierin klaagt Morelli zeer doeltreffend de manier aan waarop propaganda de geesten rijp kneedt voor oorlogen waarin burgers vaak de eerste slachtoffers zijn. Ze heeft ook de 20ste eeuwse theoloog Luigi Sturzo bestudeerd. Hij speelde een essentiële rol in de verandering van de katholieke filosofie ten opzicht van conflicten en legde de basis voor een ‘vredestheologie’. Zo contesteert hij bijvoorbeeld het ‘recht op oorlog’.
Morelli staat opnieuw aan de leiding van Femmes pour la Paix, een Belgische vereniging die al meer dan 50 jaar strijd voert tegen de oorlogszucht. Ze manifesteert geregeld mee met al die mensen die ervan overtuigd zijn dat bombardementen geen oplossing zijn voor ex-Joegoslavië, Afghanistan, Libië of Syrië. Ze is een onvermoeibare militante voor vrouwenrechten en voor alle onderdrukten, zowel mannen als vrouwen.

Louise Ngandu

Louise Ngandu stond aan de wieg van de oprichting van het Vrouwenhuis in Burundi, een project van de CFFB onder het voorzitterschap van Anne-Marie Lizin. De eerste contacten werden gelegd in 1997. Het Vrouwenhuis trad in werking vanaf 2000. Bedoeling was om tijdens de heropbouw van het land de vrouwenverenigingen een ontmoetingsplek te bieden, om hen te helpen partners te zijn in de verandering die zich in Burundi voltrok, en om de gelijkheid m/v te concretiseren in het vredesproces en binnen de Burundese maatschappij.

Op dit ogenblik biedt het Vrouwenhuis een omkadering voor dialoog en uitwisseling in verband met socio-economische problemen, zowel voor individuele vrouwen als voor verenigingen. Vooral vrouwen die met geweld te maken hebben, vinden er een luisterend oor. Het huis biedt thematische vormingen en kent microkredieten toe aan extra kwetsbare vrouwen. Louise Ngandu heeft als deskundige meerdere keren voor de CFFB het Vrouwenhuis in Burundi bezocht.
Ze zet haar engagement van vreedzaam samenleven met de Unie van Afrikaanse Vrouwen verder. Deze vereniging neemt standpunten in over de conflictsituaties in Afrika. Ze is in 2006 en 2011 naar Congo geweest om de kandidaturen te ondersteunen van de vrouwen die opkwamen bij de verkiezingen. Momenteel werkt ze samen met LIFEKA, een organisatie van Congolese vrouwen die een Vrouwenhuis wil oprichten in de provincie Kasaï.
Haar project Maisons de Femmes werd eind 2014 beloond met een cheque van 500 euro (uit de opbrengst van de verkoop van de zakjes met zaad van witte klaprozen).

Laurence Nyirakamanutsi

Laurence Nyirakamanutsi is afkomstig van een grensstreek in Goma, Congo. Die regio verkeert permanent in staat van oorlog en onzekerheid. Vooral vrouwen en kinderen zijn er het slachtoffer van gruweldaden en onbegrijpelijke ellende. Laurence heeft er samen met anderen speciaal voor vrouwen de vereniging CIAGO opgericht. Dat staat voor: ‘kruispunt van initiatieven voor de zelfontplooiing in de streek van Goma’. Ze proberen alle mogelijke oplossingen te vinden om de oorlog te overleven. Ieder lid van de groep engageert zich om vluchtelingen te ontvangen. Voedsel, drinkbaar water en de nodige zorgen zijn grote uitdagingen. Net zoals de identificatie van en de hulp aan oorlogsslachtoffers, zodanig dat ze niet ten onder gaan aan wanhoop, dat ze aanvaarden om zonder haat maar met moed de confrontatie met het dagelijks leven aan te gaan.

In België werkt Laurence regelmatig aan interculturele relaties met andere vrouwen. Zij is een echte militante voor vrede en vrouwenrechten. Haar grootste troeven zijn openheid en moed, zelfs wanneer het menselijk erg moeilijk ligt.
Haar project ‘Mifenoka’ werd in 2014 beloond met een cheque van 500 euro. Dit dankzij de verkoop van de zakjes met zaad van witte klaprozen.

Pat Patfoort

Pat Patfoort helpt al veertig jaar mensen actief kiezen voor vrede. Dit doet ze door middel van voordrachten en cursussen en via haar boeken over geweldloosheid.

Pat laat mensen kennismaken met een model om conflicten te ontwijken, namelijk het ‘evenwaardigheidsmodel’. Dit model biedt inzicht in het ontstaan van agressie, in communicatie vanuit evenwaardigheid en in transformatie van conflicten. De kern is een vorm van communicatie zonder waardeoordeel, vanuit respect, met als bedoeling elkaar te begrijpen.
Ze werkt in scholen met jongeren, leerkrachten, directies en ouders. Ze is ook actief binnen families, met personeel van ziekenhuizen en woon- en zorgcentra, met veiligheidsdiensten van voetbalstadia en met gedetineerden. Als bemiddelaar reist ze naar Centraal- en West-Afrika, Kosovo, Hongarije, Italië en Macedonië.
In vzw De Vuurbloem leidt Pat een praatforum dat openstaat voor iedereen. Daar werkt ze elke maandagnamiddag met mensen die een geweldloze houding willen aanleren ten opzichte van zichzelf en anderen.

Rita Robberechts

Rita Robberechts is reeds decennia als vrijwilliger actief binnen Femma. Ze handelt als een bevlogen pionier en bruggenbouwer.

In Peizegem richtte ze een groep van Femma op, die bekendstaat vanwege haar open en dynamische houding. Daarnaast richtte ze er ook een naaisalon op, dat als voorbeeld dient van een project waarin vrouwen ongeacht hun afkomst, leeftijd of achtergrond terechtkunnen.
Rita Robberechts vindt haar energie en inspiratie in het geloof dat een samenleving maakbaar en sociaal rechtvaardig kan zijn wanneer mensen zich aan de basis verenigen. Velen waarderen haar vanwege haar engagement voor maatschappelijk kwetsbare vrouwen. Ook zet ze zich in voor zingeving en voor dialoog tussen verschillende godsdiensten.

Ingrid Stals

Ingrid Stals is jaren actief geweest bij het Antwerpse politiekorps. Daar slaagde ze er als eerste in om het thema partnergeweld op de agenda te zetten. Tegen de stroom in heeft ze gevochten voor de erkenning dat vrouwen zwaarder en ernstiger getroffen worden door partnergeweld dan mannen, en daarom bijkomende ondersteuning en bescherming nodig hebben.

Ze stond er mee aan de wieg van de dienst slachtofferzorg. Daar zette ze zich persoonlijk in voor de opvang en begeleiding van slachtoffers. Met die benadering was ze haar tijd ver vooruit.
Ze werkte mee aan onderzoek over het thema partnergeweld. Zo publiceerde ze in 2005 het boek ‘Huiselijk Geweld’ om politie en justitie te sensibiliseren. Ze schreef ook mee aan het boek ‘Gebroken prinsessen’, waarin ze extra duiding verschaft bij de persoonlijke getuigenis van slachtoffers.
Nog in 2005 organiseerde ze de campagne ‘Stairs’, met als doel de sensibilisering van het grote publiek voor het thema partnergeweld en de strijd tegen attitudes en vooroordelen die geweld op vrouwen rechtvaardigen.
Ingrid Stals heeft zich steeds onderscheiden door een groot rechtvaardigheidsgevoel en een sterk theoretisch en praktisch inzicht in de dynamieken van geweld tegen vrouwen, dit vanuit een feministisch perspectief.
Momenteel neemt ze als vrijwilliger deel aan de werkgroep geweld binnen het Vrouwennetwerk IVCA. Deze groep werkt aan een documentaire met getuigenissen en ondersteunt lotgenoten.

Marianne van de Goorberg

In 2002 sloot Marianne van de Goorberg zich aan bij Vrouwen in ’t Zwart Leuven. Heel snel groeide ze uit tot een drijvende kracht binnen die beweging. Ze nam deel aan vele Stille Wakes, een terugkerende actievorm van de organisatie. Daarnaast werkte ze samen met verschillende andere Leuvense organisaties, zoals Actiegroep Palestina en Leuven Zuid. Ook coördineerde ze een dag voor de vrede samen met New Profile, een Israëlische feministische vredesgroep.

Met de stad Leuven en de Provincie Vlaams-Brabant werkte Marianne van de Goorberg samen voor de aankoop van een video met betrekking tot vrouwen en vrede (I am Milika Tomic), de inrichting van een vredesmonument, de jaarlijkse herdenkingen van vrouwen in oorlogstijd, de provinciale Vrouwendagen en het jaarproject dat Leuven in 2014 opzette bij de herdenking van honderd jaar Eerste Wereldoorlog.
Het engagement van Marianne van de Goorberg stopt niet aan de grenzen van België. In 2003 nam ze ook deel aan de internationale Vrouwenmars in Israël, in 2005 aan de internationale conferenties van Women in Black in Jeruzalem en in 2007 aan die van Valencia.
In 2006 heeft Marianne mee actie gevoerd aan de nucleaire zeemachtbasis in Faslane in Schotland om te protesteren tegen militair geweld en tegen geweld op vrouwen.

Lorrie Vandeginste

Lorrie Vandeginste is stichtend voorzitter van vzw SOLFA (Solidariteitsfonds voor Afrikaanse vrouwen). Eén van hun aandachtspunten is het probleem van genitale fistels. Dat is een zware complicatie die bevallingen bemoeilijkt en die incontinentie en sociale uitsluiting tot gevolg heeft. In het ziekenhuis van Kisantu in Congo worden operaties uitgevoerd bij de meest kansarme vrouwen die met dit probleem kampen.

In Oost-Congo is er ook een kleinschalig project van microkredieten voor vrouwengroepen. Vrouwen staan er meestal alleen in voor het gezinsinkomen. Vaak zijn ze economisch zeer kwetsbaar en hebben ze geen sociaal netwerk. Daarom kunnen microkredieten helpen om hen te ondersteunen, en hen ook meteen uitnodigen tot samenwerking en responsabilisering.
In Rwanda helpt het Ecofours-programma van de vzw SOLFA de armste gezinnen om duurzamer en voordeliger te koken.
In al deze projecten was Lorrie Vandeginste een fundamentele schakel.

Delen

Blijf op de hoogte

schrijf je in op de nieuwsbrief