24 augustus 2026
Iedereen heeft eigen interesses, talenten en dromen. Toch worden studie- en beroepskeuzes niet altijd alleen daardoor bepaald. Genderstereotypen beïnvloeden hoe we naar onszelf en anderen kijken, welke talenten we denken te hebben en welke studies of beroepen we als passend zien. Zo zijn meisjes sterk oververtegenwoordigd in richtingen als maatschappij en welzijn, terwijl jongens vaker kiezen voor STEM en sport. Ook in het hoger onderwijs en op de arbeidsmarkt zien we die genderkloof terug.
Met ‘Word wie jij wil zijn’ moedigen we jongeren aan om hun eigen keuzes te maken. Niet op basis van verwachtingen over wat meisjes, jongens of andere genderidentiteiten zouden kunnen of moeten doen, maar vanuit hun interesses, talenten en dromen. Want geen enkele studie of job heeft een gender.
Jij kiest. Niet je gender. Niet de verwachtingen. Jij.
Stereotypes
Iedereen komt eens in aanraking met stereotypes of past ze zelf toe. Stereotypes zijn veralgemeende beelden van een groep mensen. Ze vergroten één bepaald kenmerk uit, waardoor de diversiteit binnen de groep niet meer wordt gezien. We stereotyperen om de wereld beter te begrijpen en situaties in te kunnen schatten.

Stereotyperen zijn niet per definitie goed of slecht. Ze worden problematisch wanneer we er vooroordelen aan koppelen. Dit kan leiden tot discriminatie van sociale groepen. Op die manier leiden we onze visie of acties op basis van deze vooroordelen, met mogelijk schadelijke gevolgen. We kijken zo niet meer naar de interesses, dromen, en capaciteiten van de persoon zelf, maar beoordelen de persoon op basis van een bepaald beeld van de groep waartoe die behoort.
Stereotypes kunnen bijvoorbeeld gebaseerd zijn op gender. Zo leeft het idee dat vrouwen goed zijn in talen en mannen in wiskunde. Stereotypes kunnen ook samenhangen met een intersectionele identiteit, dan kruisen verschillende kenmerken elkaar. Zo kunnen vrouwen met een handicap bijvoorbeeld worden gezien als mensen die altijd afhankelijk zijn van hulp. De combinatie van handicap en genderidentiteit kan dus leiden tot extra uitsluiting.
Stereotypes zijn vaak niet gebaseerd op de werkelijkheid. Daarom is het belangrijk om naar de persoon zelf te kijken: naar diens interesses, talenten, dromen en mogelijkheden.
Beïnvloeden stereotypes studie- en werkkeuzes?
Kort gezegd: Ja!
Stereotypes beïnvloeden studie- en werkkeuzes. In deze campagne focussen we op genderstereotypen. Onderzoek toont aan dat de genderkloof in studierichtingen al vanaf de keuze voor het secundair onderwijs groter wordt doorheen de studieloopbaan (European Commission et al., 2021). Genderstereotypen liggen hierbij aan de basis. Deze stereotypes kiezen dus mee en beïnvloeden de keuzevrijheid van jongeren.
Genderstereotypen en genderkloof in studierichtingen en jobs
In het secundair onderwijs maken meisjes en jongens vaak verschillende studiekeuzes. Onderstaande cijfers tonen de verdeling tussen meisjes en jongens in de tweede en derde graad van het secundair onderwijs in schooljaar 2024 – 2025 naargelang het studiedomein.
Zo zijn meisjes oververtegenwoordigd in de studiedomeinen Kunst en creatie (72,94%) en Maatschappij en welzijn (84,43%) en ondervertegenwoordigd in STEM (10,47%) en Sport (20,17%) (Beleidsdomein Onderwijs en Vorming, 2026).

Deze cijfers tonen aan dat studiekeuzes al in het secundair onderwijs vaak aansluiten bij traditionele genderstereotypen. Onderzoek wijst erop dat jongens meer kiezen voor studierichtingen die aansluiten bij de traditionele ‘mannenberoepen’ en meisjes meer voor degene die geassocieerd worden met ‘vrouwenberoepen’ (European Commission & ECORYS, 2021).
Ook in het hoger onderwijs wordt de genderkloof groter. De illustratie hieronder toont de genderverdeling van de studenten per studiegebied in het hoger onderwijs in de Europese Unie in 2020. Hierbij zijn vrouwen oververtegenwoordigd in studiegebieden als Onderwijs (78,5%), en Gezondheid en welzijn (71,9%) (European Commission, 2022). Daarnaast zijn ze ondervertegenwoordigd in studiegebieden als Informatie- en communicatietechnologieën en Techniek, productie en bouw.
De gendergebonden studiekeuzes zetten zich dus ook in het hoger onderwijs verder. Onderzoek toont bovendien aan dat genderstereotypen een rol blijven spelen, zelfs wanneer meisjes en jongens voor hetzelfde studiegebied kiezen (European Commission & ECORYS, 2021). Binnen STEM kiezen jongens meer voor toegepaste informatica of industriële wetenschappen en kiezen meisjes meer voor apotheekassistent, biomedische laborant, of architectuur (European Commission & ECORYS, 2021).
Die verschillen zetten zich ook door op de arbeidsmarkt. Na de schoolbanken en studiekeuzes, gaan veel afgestudeerden en schoolverlaters op zoek naar een job. In de Europese Unie zijn er veel sectoren waarbij er veel representatieverschillen zijn tussen vrouwen en mannen. Zo zijn vrouwen oververtegenwoordigd in beroepen als verzorgkundige, schoonmaker, secretariaatmedewerker, medisch technicus, en leerkracht. Mannen zijn juist oververtegenwoordigd als bouwmedewerker, chauffeur, metaalwerker, wetenschappelijk en technisch assistent, en wetenschappers en technici (Eurostat, 2018).
(Eurostat, 2018)
De genderkloof in studiekeuzes en beroepskeuzes is op zichzelf niet problematisch. Wel is het bedenkelijk wanneer genderstereotypen de mogelijkheden van jongeren bepalen. Dan vertrekken keuzes niet langer vanuit de persoon, diens interesses en talenten, maar ook vanuit verwachtingen over gender. Dit kan de keuzevrijheid van jongeren beperken.
Stereotypen bij jezelf en anderen
(Gender)stereotypen komen bij iedereen voor. Soms nemen we deze ideeën onbewust over en kunnen ze invloed hebben hoe we naar onszelf en wat we denken dat we wel of niet kunnen.
Ook de mensen rondom jongeren spelen hier een belangrijke rol. Ouders, leerkrachten of vrienden zijn vaak personen bij wie jongeren terecht kunnen met vragen over hun toekomst. Hun verwachtingen, aanmoedigingen en adviezen kunnen daarom invloed hebben op de studie- en jobkeuze van jongeren. Ze geven vaak advies met de beste bedoelingen, maar ook ouders, leerkrachten of vrienden kunnen onbewust beïnvloed worden door genderstereotypen. En wat meisjes, jongens en non-binaire jongeren zouden willen of kunnen doen. Daardoor krijgen meisjes en jongens niet altijd dezelfde boodschappen over welke studierichtingen of beroepen bij hen zouden passen.
Het is belangrijk om soms even stil te staan bij de redenen achter een advies of keuze. Waarom zou een bepaalde richting of job wel of niet bij jou passen? Zijn die redenen gebaseerd op feiten en jouw eigen interesses, talenten, en mogelijkheden?
Het belangrijkste is dat je ruimte krijgt om te ontdekken wat bij jou past. Laat stereotypes jou niet beperken in jouw keuze en kies een studierichting of beroep dat aansluit bij jouw persoonlijke interesses.
Mythes
Er zijn talloze mensen die aantonen dat je een droomjob kan uitoefenen, ook wanneer die niet aansluit bij traditionele genderstereotypen. In onze campagne maak je kennis met Jeroen, die vroedvrouw is, en Mira die haar doctoraatsonderzoek doet in de bouwkunde. Zij gingen tegen de genderstereotypen in en volgden hun dromen.

Genderstereotypen zijn vaak gebaseerd op hardnekkige mythes. We bekijken er twee:
- Wiskunde is een ‘mannendiscipline’
- Leerkracht zijn is een ‘vrouwenberoep’
Mythe 1: Wiskunde is een ‘discipline voor mannen
Wiskunde wordt aanzien als een ‘mannendiscipline’. Daardoor denken sommige mensen dat mannen van nature beter zijn in wiskunde dan meisjes. Onderzoek toont dat dit beeld niet klopt.
Uit het PISA-onderzoek van 2022 bij 15-jarigen bleek dat er geen significant verschil was tussen meisjes en jongens in de wiskundige geletterdheid (De Meyer et al., 2023). Bij het TIMSS- onderzoek van 2023 bij leerlingen uit het vierde leerjaar scoorden jongens gemiddeld wel iets beter dan meisjes in wiskunde (Kenis et al., 2025).
De onderzoekers zagen echter ook dat meisjes minder vertrouwen hadden in hun wiskundige vaardigheden en wiskunde minder leuk vonden. Wanneer rekening werd gehouden met dat verschil in zelfvertrouwen, verdween het verschil in prestaties tussen meisjes en jongens (Kenis et al., 2025). Met andere woorden, zelfvertrouwen speelt een belangrijke rol in hoe leerlingen presteren.
Laat je dus niet tegenhouden door stereotypes. Wiskunde is er voor iedereen. Doorheen de geschiedenis hebben heel wat vrouwen belangrijke bijdragen geleverd aan de wiskundige wetenschap. Drie voorbeelden zijn:

- Ada Lovelace wordt aanschouwd als de eerste computerprogrammeur. In 1843 publiceerde ze een stap-voor-stap methode om Bernoulli-nummers te berekenen op de Analytische machine van Charles Babbage
- Katherine Johnson werkte als wiskundige voor NASA, het agentschap verantwoordelijk voor het ruimtevaartprogramma van de Verenigde Staten. Hier berekende ze o.a. de heen- en terugweg van de ruimtecapsule van Alan Shepard, de eerste Amerikaan in de ruimte. Ze werkte ook aan de Apollo-maanlanding en andere ruimtevaartprojecten. Johnson werd bekend omdat ze als Afrikaans-Amerikaanse vrouw diverse barrières doorbrak binnen NASA.
- Ingrid Daubechies is een Belgische wiskundige en natuurkundige. Ze onderzocht bepaalde modellen die aan de basis lagen van beeldcompressies, waaronder .JPEG.
Mythe 2: Leerkracht zijn is een ‘vrouwenberoep’
Leerkracht zijn wordt vaak gezien als een typisch ‘vrouwenberoep’. In het academiejaar 2024-2025 was 74,5% van het onderwijspersoneel een vrouw (Vlaams Ministerie van Onderwijs en Vorming, 2025).
Die oververtegenwoordiging kan het beeld versterken dat onderwijs een ‘vrouwenberoep’ is. Toch was het beroep vroeger minder sterk verbonden met één gender dan vandaag. Doorheen de jaren zijn steeds meer vrouwen in het onderwijs gaan werken. Maatschappelijke verwachtingen en genderstereotypen hebben daar een rol in gespeeld.
Zo leeft bijvoorbeeld het idee dat vrouwen van nature zorgzamer en daardoor betere leerkrachten zouden zijn dan mannen. Daar is echter geen wetenschappelijk bewijs voor. Een goede leerkracht worden hangt niet af van jouw genderidentiteit. Het wordt bepaald door jouw pedagogische vaardigheden, enthousiasme en betrokkenheid bij kinderen.
Mannen kunnen dus even goede leerkrachten worden.
Durf jezelf te zijn
De keuzes die je maakt voor je studies en later voor je job hebben een grote impact op je leven. Daarom is het belangrijk dat je kiest voor een richting die aansluit bij jij bent: jouw interesses, talenten, en dromen.
Toch groeien we allemaal op in een samenleving waarin bepaalde verwachtingen bestaan over wat meisjes, jongens, of non-binaire jongeren zouden moeten doen of kunnen. Die boodschappen krijgen we soms onbewust mee via onze omgeving, op school, in de media, in het dagelijks leven. Soms geloven we ook zelf deze boodschappen en moeten we herinnerd worden aan ons eigen kunnen, zonder de genderstereotypen.
Laat die verwachtingen jouw keuzes niet bepalen. Sta stil wat jij graag doet, waar jij energie van krijgt en welke talenten je verder wil ontwikkelen. Iedereen verdient de kans om zichzelf te ontplooien en een pad te kiezen dat bij hen past.
Of je nu droomt van een carrière in de zorg, techniek, onderwijs, wetenschap, of een heel ander domein: jouw genderidentiteit hoeft geen beslissende factor in de keuze te zijn.
Durf te kiezen voor wat jou enthousiast maakt.
Download hier het campagnedossier en de bronnen.


